Terug naar overzicht
Marijke van Veenen Marijke van Veenen
± min

Toezeggingen door haar letselschade expert moet verzekeraar nakomen!

Recentelijk is voor de Rechtbank Den Haag een deelgeschil gevoerd over de vraag of een aansprakelijkheidsverzekeraar gehouden is aan uitspraken van een letselschade expert, welke door de verzekeraar was ingeschakeld.

De uitspraak van de letselschade expert hield in zoverre in dat hij heeft aangegeven voor een bepaald bedrag een schade te willen regelen. De verzekeraar zelf vond dat veel te veel en wilde zich hieraan niet conformeren.

Wat speelde er?
In 1995 ontstond bij een klein kind van slechts één jaar een urineweginfectie welke tot ernstige letselschade leidde. Deze ontsteking had eenvoudig voorkomen kunnen worden door vooraf het kind antibiotica toe te dienen. De aansprakelijkheid voor het gebeurde werd door de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis, Medirisk, erkend. Medirisk schakelde een letselschade expertisebureau in welke voor verzekeraars werkzaam is, om namens haar de schade te regelen. De letselschade expert van dat bureau besprak de schade met de advocaat / letselschade deskundige van de ouders. Bij de bespreking was de binnendienstmedewerker van Medirisk ook aanwezig. Bij het daarop volgende gesprek, welke tot doel had te bezien of de schade in der minne kon worden begroot, was deze binnendienstmedewerker niet aanwezig in verband met ziekte.

De letselschade expert van het expertisebureau welke door Medirisk was ingeschakeld, heeft in dat tweede gesprek aangegeven de schade vast te stellen op € 118.000,-. De advocaat / letselschade deskundige van het kind bracht daarna dit bedrag over aan de ouders welke namens het kind akkoord gingen.

Enkele weken later gaf de door Medirisk ingeschakelde expert aan het aanbod terug te trekken, omdat er fouten waren gemaakt in zijn berekening. Als argument werd voorts aangegeven dat het aanbod vrijblijvend zou zijn gedaan en er niet was gesproken over welk deel van de schade nu voor de ouders en of het kind was. Daarnaast was niet gesproken over de afwikkeling van de BGK (buitengerechtelijke kosten) en een belastinggarantie.

In de deelgeschilprocedure heeft de rechtbank Den Haag duidelijk aangegeven dat zij van mening is dat er zondermeer een overeenkomst tot stand is gekomen en dat aan het aanbod door de schaderegelaar geen voorwaarden zijn gesteld. Er kan dan ook zeker niet van enige vrijblijvendheid worden gesproken; ook de herroepping is niet 'onverwijld' gebeurd. Aan de berekening van de schade is aan alle belangrijke kenmerken voldaan en het aspect rond de BGK en belastinggarantie werd geoordeeld dat deze irrelevant zijn in het licht van de overeenkomst. Dit betekent, aldus de rechtbank, concreet dat Medirisk gehouden is de letselschade, conform de inzichten van de schaderegelaar (in eerste aanleg) en conform het akkoord van de ouders, te regelen.

Voorts geeft de rechtbank aan dat Medirisk, door de schaderegelaar alleen naar de bespreking te laten gaan, ook de schijn heeft gewekt dat hij bevoegd was om namens Medirisk schikkingsbedragen te noemen. Als dit niet de bedoeling was, dan had de verzekeraar dit - al dan niet door de schaderegelaar - uitdrukkelijk kenbaar moeten maken. De rechtbank veroordeelde Medirisk aan de ouders van het kind de schade te voldoen welke begroot is op € 118.000,-, omdat een overeenkomst tot stand is gekomen.

Download hier het gehele vonnis: Uitspraak Rb Den Haag d.d. 16.11.2012 LJN BX8037