Terug naar overzicht
Marijke van Veenen Marijke van Veenen
± min

Multitasken deels verantwoordelijk voor letselschade in het verkeer

Veel mensen die regelmatig voor hun werk op de weg zitten hebben de neiging uitgebreid te bellen of mailberichten te lezen tijdens het autorijden. Wij ‘multitasken’ er zogezegd op los en brengen daarmee soms onbewust het leven van ons zelf en dat van anderen in gevaar! Duidelijke cijfers zijn niet voor handen, maar schattingen geven aan dat tussen de 5 en 25% van de ongevallen het zogenaamde ‘multitasken’ verantwoordelijk of mede verantwoordelijk is. Het gaat hierbij dan niet uitsluitend en alleen om blikschade maar ook ernstige ongevallen met letselschade.

Onderzoek wijst uit dat onze hersenen eigenlijk helemaal niet geschikt zijn voor het zogenaamde multitasken en dat er maar eigenlijk weinig dingen zijn die wij gelijktijdig kunnen doen. Zo blijkt uit onderzoek dat het menselijk brein zogenaamd werkgeheugen nodig heeft om iets te kunnen doen. Dat zogenaamde werkgeheugen kan je maar voor één activiteit gebruiken. Het oplossen van een relatief eenvoudige optelsom (37 + 16) en het tegelijk lezen van dit artikel lukt niet.

In het ANWB blad stond het volgende artikel ter verdere verduidelijking over de risico’s van het multitasken in het verkeer en de invloed hiervan op het ontstaan van letselschade.

Op de achtergrond

Bij multitasken, het woord zegt het al, voer je twee of meer taken uit. Je hoofd kiest er dan voor één van de twee taken uit te voeren en de ander op de achtergrond te parkeren. Pas als taak één klaar is, gaat je hoofd verder met taak twee. “Dit principe lijkt op de knip-en-plakfunctie van de computer”, verduidelijkt dr. Jelmer Borst. Hij schreef een proefschrift over dit onderwerp en doet nu verder onderzoek aan de Universiteit van Pittsburgh. “Als je één ding onder de knop hebt zitten, kun je op dat moment niet nog iets anders kopiëren.”

 “Twee dingen tegelijk doen kan alleen als je twee compleet verschillende taken uitvoert, wandelen en om je heen kijken bijvoorbeeld of tijdens de afwas een gesprek voeren. Lopen gaat vanzelf, daar hoef je niet bij na te denken. Daarom kun je ook nog om je heen kijken en de omgeving in je opnemen. En dat je tijdens de afwas een gesprek kunt voeren, komt doordat je heel verschillende mechanismen in je hersenen aanspreekt: voor de afwas gebruik je je handen, voor het gesprek je hoofd en je mond.”

In de auto

Veel mensen bellen in de auto. Handsfree of stiekem met de telefoon in de hand. Maar laten autorijden en telefoneren nou net allebei je werkgeheugen aanspreken. Of je nou handsfree belt of niet. Borst: “Als je op een rustige weg rijdt, gaat dat best. Voor het rijden heb je op dat moment relatief weinig aandacht nodig. Maar wordt het plotseling drukker, dan heb je je werkgeheugen nodig om zowel het verkeer in de gaten te houden als het gesprek te volgen. In het gunstigste geval gaat dat ten koste van je aandacht voor het gesprek, maar veel vaker gaat het ten koste van je aandacht voor de weg.”

Langere reactietijd

De gevolgen van het aandachtsverlies zijn alarmerend. Bellende bestuurders hebben een langere reactietijd, tot wel 40 procent langer. Hierdoor remmen ze later, krachtiger en stoppen ze dichter op hun voorligger. Ook hebben ze minder controle over hun auto. In een rechte lijn rijden is het lastigst. Goed kijken wordt eveneens lastiger. Bellers hebben minder oog voor de weg, en als ze op de weg kijken dan missen ze allerlei zaken doordat ze met hun gedachten ergens anders zijn. Ze kijken wel in de goede richting, maar nemen belangrijke objecten, zoals verkeersborden, niet bewust waar.

Praten met passagier

En hoe zit het dan met praten met een passagier in de auto? Want dat is toch hetzelfde als handsfree bellen? Nee, er is één groot verschil: een gesprek met een passagier is zelfregulerend. Met andere woorden: hij kijkt mee met het verkeer en past daar zijn gesprek op aan. Bijvoorbeeld door even te pauzeren tijdens een inhaalmanoeuvre. Bij een telefoongesprek is degene aan de andere kant van de lijn zich niet bewust van de verkeerssituatie en kan daar dus ook geen rekening mee houden. Daar komt nog bij dat de verbinding en geluidskwaliteit soms niet goed zijn, wat nog meer inspanning van de bestuurder vergt.

Ongelukken

Het is niet helemaal duidelijk hoeveel ongelukken er worden veroorzaakt door multitasken in de auto. Volgens schattingen ligt het aandeel ongelukken door afleiding tussen de 5 en 25 procent. Is een totaalverbod op bellen in de auto de oplossing? Volgens Verkeerskundige Ton Hendriks van ANWB’s Ledenbelang niet: “Bellen of het bedienen van apparatuur in de auto helemaal verbieden is niet te doen. Dat hoeft ook niet. Maar omdat het wel een risico oplevert voor de verkeersveiligheid, moet afleiding in het verkeer tot een minimum worden beperkt. Ga verstandig om met al die gadgets in de auto. Bel bijvoorbeeld alleen op een parkeerplaats.”