Terug naar overzicht
Marijke van Veenen Marijke van Veenen
± min

De keus om kinderen alleen deel te laten nemen aan het verkeer, staat los van autobezit.

Nu de scholen in ons land weer zijn begonnen, worstelen veel ouders met de vraag of het wel veilig is een kind alleen naar school te laten reizen. Veel ouders zijn er benauwd voor dat hun kinderen betrokken raken bij een ongeval en letselschade oplopen.

Bij de keus een kind bijvoorbeeld wel of niet alleen te laten fietsen, speelt niet uitsluitend de leeftijd van het kind een rol. Men kijkt naar het motief en met name het tijdstip waarop gereisd moet gaan worden. Ook het feit of er oudere broertjes of zusjes in een gezin zijn, speelt een rol bij die keus. Zij hebben immers een ervaring opgedaan en dit weegt mee bij de keus van de ouders. Hoewel vaak verondersteld, blijkt uit onderzoek, dat het bezit van een auto bij die keus geen enkele rol speelt.

Twee medewerkers van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) Jacqueline van Beuningen en Ilona Bouhuijs hebben onderzoek gedaan naar de keus van de ouders. De onderzoeksresultaten zijn gepubliceerd in het vakblad 'Vervoerwetenschap'.

De onderzoekers hebben gekeken naar de gedragingen van de kinderen en daarbij valt te zien dat kinderen vaak zonder begeleiding op visite mogen gaan bij vriendjes of vriendinnetjes of mogen logeren dan dat zij bijvoorbeeld alleen naar school mogen fietsen. Hierbij is het naar de mening van de onderzoekers opvallend te noemen dat het bezit van een auto in een gezin bij deze keus, om wel of niet te begeleiden, geen invloed heeft. Hoewel vaak verondersteld, toont dit onderzoek aan dat ouders dus niet sneller de auto pakken om hun kroost te begeleiden, dan mensen die bijvoorbeeld geen auto hebben. Hierbij is ook gekeken naar de wijze van reizen; dat kan dus zijn fietsen, wandelen en gebruikmaking van het openbaar vervoer.

Wat wel wat voorspelbaar was, is dat kinderen vooral na 19.00 uur vaak niet zonder begeleiding reizen. Daarbij speelt het wel weer een rol of binnen het gezin een ouder broertje of zusje in het gezin zit. Het onderzoeksrapport geeft weer: ' Een jong kind mag bijvoorbeeld vaker zonder begeleider reizen als hij of zij broertjes en/of zusjes (jonger dan 12) heeft dan wanneer het kind deze niet heeft. Voor oudere kinderen geldt echter het tegenovergestelde. Hiermee samenhangend blijkt dat kinderen vaker zonder begeleiding mogen reizen als zij een ouder broertje of zusje hebben dan wanneer dit broertje of zusje jonger is!'

Wat ons als redactie opvalt, is dat geen melding wordt gemaakt van verschillen in cultuur. Vaak mogen kinderen van Noord Afrikaanse afkomst, en dan met name jongentjes, sneller dan meisjes, alleen over straat op jongere leeftijd en dat ook vaak na 19.00 uur.

Download hier: Onderzoeksrapport